Tijdelijk wonen

Voor het opsplitsen van een woning of voor het wijzigen in een gebouw van het aantal woongelegenheden die hoofdzakelijk bestemd zijn voor de huisvesting van een gezin of een alleenstaande, ongeacht of het gaat om een eengezinswoning, een etagewoning, een flatgebouw, een studio of een al dan niet gemeubelde kamer, wordt de vergunningsplicht vervangen door een verplichte melding als aan al de volgende voorwaarden is voldaan:

1. in een bestaande woning wordt één ondergeschikte wooneenheid gecreëerd;

2. de ondergeschikte wooneenheid vormt één fysiek geheel met de hoofdwooneenheid;

3. de ondergeschikte wooneenheid, daaronder niet begrepen de met de hoofdwooneenheid gedeelde ruimten, maakt maximaal één derde uit van het bouwvolume van de volledige woning;

4. de creatie van de ondergeschikte wooneenheid gebeurt met het oog op het huisvesten van:

 a) hetzij asielzoekers en vluchtelingen die op grond van artikel 6, §1, vierde lid, en artikel 8, §1, van de wet betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen van 12 januari 2007 de opvang van Fedasil moeten verlaten;

 b) hetzij burgers wiens woning onbewoonbaar is geworden door onvoorziene omstandigheden;

5. de huisvesting is tijdelijk voor een totale duur van maximaal drie jaar per goed;

6. de eigendom, of ten minste de blote eigendom, op de hoofd- en de ondergeschikte wooneenheid berust bij dezelfde titularis of titularissen.

Door de registratie van deze vorm van tijdelijk wonen, zijn alle instanties die gebruik maken van de gegevens van het Rijksregister ook op de hoogte van uw woonsituatie en houden hiermee rekening voor bijvoorbeeld de berekening van een premie of uitkering.

Lees ook